Wat de beoordeling van de klank van verschillende strijkstokken betreft: het probleem is dat je zelfbedrog niet kunt uitschakelen. Zelfbedrog is geen boos opzet, het is geen teken van domheid, het is geen gebrek aan muzikaal talent of van een beroerd gehoororgaan. Zelfbedrog betekent dat mensen bij het beoordelen van iets ongrijpbaars (zoals klankkwaliteit) gevoelig zijn voor andere dan rationele factoren en zelf ideeën inbrengen die hen juist van een rationeel, objectief oordeel afhouden.
Zo smaakt een glas donkergekleurde whisky voor liefhebbers 'sterker' dan een glas lichtgekleurde whisky, terwijl er precies hetzelfde in het glas zit maar er alleen een halve druppel neutrale kleurstof in gedaan is. De proever 'verzint' zelf de sterkere smaak op basis van zijn aanname dat donker gekleurde dranken wel sterker zullen smaken (want dat is bij thee immers ook zo).
Bij de beoordeling van strijkstokken kunnen tal van aannames een objectieve beoordeling in de weg zitten (hogere prijs = betere stok; gerenommeerde bouwer = betere stok; China = slechte stok; die met dat mooi gevlamde hout = betere stok; die lijkt op die van mijn leraar = betere stok; die ene die ik in het begin het mooiste vond = betere stok).
Bovendien kun je zeggen: wat nou 'objectieve beoordeling? ik wil niet de objectief mooiste stok, maar de stok die *ik* het mooist vind". Er daarbij aan voorbijgaand dat beantwoording van de vraag naar wat *jij* het mooist vind, evenzeer aan psychologisch zelfbedrog onderhevig is. Want wat je vandaag de mooiste vind, kan morgen anders zijn. En de stok die je net nog de mooiste vond, blijk je een kwartier later in vergelijking met andere weer onbewust tot 'de minste' te hebben uitgeroepen. En als je leraar mee is, is de verleiding sterk om die naar de mond te praten in diens verstandig geachte oordeel.
Een dubbelblind testpanel is een interessante optie, maar in de praktijk moeilijk te realiseren. Ik denk dat gerenommeerde bouwers met peperdure instrumenten daar al helemáál niet op zitten te wachten, want die vrezen een resultaat waaruit bijvoorbeeld zou blijken dat boven een bepaald bedrag (bijv. 400 euro voor een stok) er geen enkele relatie bestaat tussen prijs en kwaliteit.
Het is goed om eens te beseffen over welk luxeprobleem we het hier hebben. Vorige week kwam een vriendinnetje van mijn 9-jarige dochter bij ons op bezoek. Een Marokkaans meisje dat begerig naar de viool zat te kijken en na een uur kwam vragen of hem héél even vast mocht houden. Natuurlijk mocht dat, het is geen kostbaar ding en het was duidelijk dat ik er haar een plezier mee deed. Het is wonderbaarlijk om dan de geboorte van een talent te zien: nog nooit een viool vastgehouden, maar ze 'stond' meteen goed, hield viool en stok netjes vast, en wist met uiterste voorzichtigheid meteen mooie tonen uit de open snaren te krijgen, tot haar eigen plezierige verbazing. Ze heeft wel een minuut of 20 staan 'klungelen' in de goede zin des woords, met leuke vondstjes en uitprobeersels. Vond het jammer dat ze naar huis moest en komt zeker weer terug. Thuis vioolles bedingen zit er vermoedelijk niet in. Op zo'n moment ben je bijna geneigd het meisje jouw viool en stok mee te geven! Omdat die bij haar zo goed op z'n plaats is. En dan dondert de kwaliteit van de stok eventjes niet zo erg.
Natuurlijk, ieder z'n niveau, en ieder z'n voorkeuren. En mijn anekdote is ook wel een beetje een dooddoener. Maar de discussies over 'dit nét weer een fractie beter dan dát', en 'mijn oren vertellen me zús, en niet zó' kan ik gemakkelijk relativeren door het gelukkige besef dat ik tenminste een redelijk instrument heb en anderen het helaas zonder moeten stellen.