Maar het gaat hier niet over het cellotipboek, maar over de (gratis) E-versie van 'Muziek op Papier'. Dat is dus louter theorie.
Voor iemand die het conservatorium heeft gevolgd verbaast het mij dat het verschil tussen een ais en een c als sprookje werd ervaren en louter door er berekeningen op los te laten geaccepteerd werd. Want het moet toch gaan om het horen, het waarnemen met de oren, dat in bepaalde gevallen de intonatie niet klopt? Je hebt er niets aan als je het niet zelf hoort!
Misschien is dat vanzelfsprekend voor een strijker, maar ik was een blazer.
Of ik het niet hoorde? Toch wel. Ik speelde sopraansaxofoon op mijn toelatingsexamen, een instrument dat van nature werkelijk knoetervals is. (er worden dezelfde moppen over verteld als over altviolen.) Maar ik speelde er blijkbaar wel zuiver op. Corrigeren kan ook onbewust, puur op het gehoor gaan.
Maar ik wist niet beter dan dat een ais en een bes hetzelfde waren. Althans, dezelfde greep, maar heb dat blijkbaar altijd intuïtief gecorrigeerd.
Bovendien, je past je aan aan de rest, dat deed ik altijd wel, en die rest is dan een fanfare of harmonie, waar het ook niet altijd even zuiver is, of een piano, die per definitie onzuiver was. Maar dat wist ik dus niet en heb het ook nooit zo ervaren. Nog steeds niet, als ik een piano hoor, denk ik nog steeds niet 'wat vals'.
Persoonlijk ben ik op het conservatorium in het saxofoonkwartet pas echt heel exact met de stemming bezig gegaan. En dan ga je veel bewuster met die intonatie om, weet je dat een kwint meestal de andere kant op moet dan een grote terts, ook al is het dezelfde noot, en ga je inderdaad ervaren hoe een spatzuivere drieklank klinkt.
Voor mij is dat rekenen een goede onderbouwing geweest, anders had ik het stomweg niet geloofd, en als je het eenmaal weet, kan je er bewuster mee omgaan. Maar het is geen harde voorwaarde. Er zijn toch ook genoeg mensen die heel zuiver zingen, ondanks dat ze geen enkele theoretische basis hebben?