Ja Jaap, het streven naar zuiver spelen, dat blijft ons strijkers ons hele speel-leven vergezellen, er is geen ontkomen aan... Troost je met de gedachte dat ook top-violisten (of beter gezegd; júist topviolisten) dagelijks met de zuiverheid aan het stoeien zijn. En dat ook de meest geprezen topsolisten wel eens finaal misgrijpen. En dan zul je misschien denken; 'ja dat is lekker, als zíj er al moeite mee hebben, wat moeten wij gewone stervelingen dan

? Maar; verbetering is altijd mogelijk, en wanneer je merkt dat je hierin vooruitgang boekt, geeft dat heel veel voldoening.
Zuiver proberen te spelen begint met horen wanneer je niet zuiver speelt; wanneer je hier moeite mee hebt, kun je proberen de noten van een bekend liedje/stuk eerst zuiver te zingen, en daarna proberen net zo na te spelen. En daarbij héél kritisch luisteren of de noot die je speelt ook exact gelijk is aan de noot die je in je hoofd had of net zong. Beweeg je vinger op de toets een fractie heen en weer, of bewegen is eigenlijk niet het goede woord, het is in feite niets meer dan een heel weinig naar voren en naar achter kantelen, en luister dan goed naar verschil in toonhoogte, en probeer de noot zo 'mooi' mogelijk te krijgen; een zuivere noot klinkt mooier dan een niet-zuivere, omdat er meer boventonen en/of losse snaren mee resoneren.
Andere methode en hier ook al vaker genoemd; controleren met losse snaren (mits wel behoorlijk gestemd natuurlijk

); 1e vinger met snaar lager, zodat je een mooie samenklank krijgt zonder zwevingen; 1e vinger op G-snaar met de D-snaar voor een mooi kwart-interval) 2e vinger met snaar hoger, 3e met snaar lager zodat je een mooi octaaf krijgt, en 4e vinger met losse snaar erboven.
Het blijft dagelijkse kost, het streven naar zuiverheid; neem een voor jou 'makkelijk' (in technische zin, kwa streken en 'vingervlugheid') stukje, of gewoon lange noten of een toonladder in lang aangehouden noten; beoordeel iedere nooit kritisch; probeer of-ie nóg zuiverder kan, totdat-ie mooi klinkt en je helemaal tevreden bent.
Als je je hierin vaak genoeg traint, zullen je vingers steeds meer automatisch de juiste stand aannemen en de juiste positie op de toets weten te vinden, dit gaat op den duur in het motorisch geheugen zitten.
Het blijft werken, schaven, je gehoor trainen en dit door geven aan je vingers; probeer je te richten op verbetering, en niet zozeer op het foutloos spelen van een stuk; er is immers geen violist ter wereld die foutloos speelt, voor een ieder geldt dat hij/zij streeft naar een beter/zo goed mogelijk resultaat.