Uiteraard heb ik al op google gezocht en zo weet ik dat hij (waarschijnlijk) geen violen heeft gebouwd. Maar wie dan wel?
Dag Tessa, het verhaal rond deze viool en rond Tieffenbrücker kan toch nog een beetje spannender worden dan je dacht. Ook ik heb wat rondgegoogeld, en kwam een paar interessante bronnen tegen.
Ten eerste de vermelding van Stefano Pio in zijn boek "
Viol and Lute Makers of Venice 1490 - 1630" over de Tieffenbrückers: "The notable presence in Venice of numerous families of German origin, including the Tieffenbruckers who were the most important extended family of lute makers in the sixteenth century, proves to be higher than had previously been known." Vervolgens wijdt hij een heel hoofdstuk aan deze familie, met Kaspar/Gaspard als een van de oudste bouwers met talrijke andere familieleden. Let wel: van hoofdzakelijk luitenbouwers, maar ook van violen.
Dat waren in de 16e eeuw natuurlijk nog niet de vioolmodellen zoals we die van Stradivarius en later Vuillaume kennen. Over Kaspar vermeldt de Duitse Wikipedia dat hij op z'n 25e in 1539 naar Italië vertrok (waarschijnlijk naar familie; in de leer?) en in 1544 terugkeerde naar Füssen in Duitsland, om daarna naar Lyon te gaan en er te blijven als instrumentenbouwer, waar zijn zoon (ook Kaspar) hem zou opvolgen. "Tieffenbrucker gilt als der Begründer der französischen Lautenbauschule und war wohl auch einer der ersten Geigenbauer, der dort die
Violine in der heute gebräuchlichen Form herstellte. 1558 erhielt er das Lyoner Bürgerrecht."
Al in 1985 publiceerde Pier Luigi Polat in "Il Flauto Dolce" een wetenschappelijk artikel over de stamboom van (een deel van) de Tieffenbruckers, die in de 17e eeuw opereerden in Venetië, Padua en Napels.
Het aardigste dat ik vond, was een manuscript met luitmuziek uit de 16e eeuw van de hand van Philipp Hainhofer (ja, handgeschreven dus) met voorin een prachtige, gekleurde tekening van Kaspar Tieffenbrücker, mét daarin het door jou genoemde gedichtje! Zijn leeftijd staat daar vermeld als 48 jaar, dus de tekening zou dan uit 1562 stammen, overeenstemmend met de gravure die (op Wikipedia) aan 'Pierre II Woeiriot de Bongey' wordt toegeschreven (zijn monogram vind je in de tekening onder de tekst). Zowel Kaspar Tieffenbrücker als Pierre Woeiriot werkten rond 1562 in Lyon, waar de tekening/gravure gemaakt zal zijn. Het gedichtje kan dus met zekerheid in verband worden gebracht met de 16e-eeuwse instrumentenbouwer!
Hier de link naar het manuscript:
http://diglib.hab.de/mss/18-8-aug-2f/start.htm
Daarin vind je onderstaande afbeelding op het vierde blad.
Overigens is de betekenis van het gedichtje iets preciezer. Het is een grapje rondom het 'levend' en 'dood' zijn van het hout waaruit de viool gemaakt is. Het gaat om een paradox: "Terwijl ik leefde, zweeg ik; maar nu ik dood ben, zing ik":
Viva Fui In Silvis ('Levend ben ik geweest in het bos')
Sum Dura Occisa Securi ('Ik ben geveld met een harde bijl')
Dum Vixi, Tacui ('Terwijl ik leefde, zweeg ik

Mortua Dulce Cano ('(Nu ik) dood (ben), zing ik lieflijk').
Kortom:
- de familie Tieffenbrücker was omvangrijk en bouwde luiten en violen;
- Gaspar/Kaspar opereerde in de 16e eeuw in Italië en Lyon (en op andere plekken in West-Europa);
- het gedichtje in je viool is duidelijk geassocieerd met Kaspar;
Dit alles betekent geenszins dat jij een 'echte Tieffenbrücker' in je bezit hebt; het zal een moderner instrument zijn waar later iemand dit tekstje in geplakt heeft; wat opmerkelijk is, omdat bij een eenvoudige poging tot vervalsing (het instrument ouder te laten lijken dan het is) een eenvoudig nep-label meer voor de hand had gelegen. Daarom denk ik niet aan zo'n poging tot vervalsing; het handschrift oogt ook te modern. Wellicht vond een vorige eigenaar dit gewoon een mooi, toepasselijk gedichtje (wat het ook is) en heeft het, voorzien van een fraai gekleurd tekeningetje, in z'n viool geplakt. Kennelijk ontbreekt een ander label; het is niet heel waarschijnlijk dat dit nog onder deze tekst verscholen zit.
Ik ben benieuwd naar de bevindingen van de jou bevriende vioolbouwer, c.q. taxateur, c.q. reparateur!
